Overstroming China 1931

De overstroming in Centraal-China in 1931 is één van de dodelijkste natuurrampen ooit, het is zelfs de dodelijkste natuurramp van de 20e eeuw en in de geschiedenis van China. De ramp bestond uit heel veel overstromingen van de Gele Rivier, de Jangtsekiang (Blauwe Rivier) en de Huai, deze overstromingen waren van juli tot november 1931. Behalve door verdrinking, stierven ook veel mensen door ziektes. Het totale dodental wordt geschat op tussen de 145.000 en 4 miljoen.

Oorzaak

voordat de overstromingen plaatsvonden werd Centraal-China in de periode 1928 tot 1930 was er een grote droogte. Het niet normale  weer dat de overstromingen in gang zette werd een paar keer merkbaar eind 1930, toen grote sneeuwbuien in de winter voor extra veel smeltwater zorgden in het erop volgende voorjaar. in het voorjaar was er ook erg veel  hevige regenval, die tot in juli en augustus aanhield. Ook werd Centraal-China in juli 1931 door 7 cyclonen getroffen. De regenval deed drie rivieren overstromen.

 

De Gele Rivier

De overstroming van de Gele Rivier vond plaats tussen juli en november 1931. 1 tot 2 miljoen mensen kwamen hierbij om. In totaal kwam 87.000 vierkante kilometer land onder water te staan door de overstroming.

De Jangtsekiang en Huai

De Jangtsekiang en Huai overstroomden van juli tot augustus 1931. In juli alleen maakten vier weerstations langs de Jangtsekiang melding van hevige regenval; 0,61 meter. 145.000 mensen vonden de dood bij deze overstroming, en 28,5 miljoen mensen werden op een andere manier door de ramp getroffen. De overstromingen van beide rivieren bereikte onder andere Nanking, destijds de hoofdstad van China. Het hoogste waterpeil werd bereikt op 19 augustus in Hankou. Daar stond het water 16 meter hoger dan normaal voor de tijd van het jaar.

 

Gevolgen

Door de overstromingen braken ziektes als cholera en tyfus uit. Bewoners uit het getroffen gebied maakten onder andere melding van kannibalisme. Ook werden vrouwen en dochters na de ramp verkocht.